Waar ben je naar op zoek?

Wim Opbrouck wist het even niet meer...

maandag 18 dec. 2023
Mathieu Lonbois
Wim Opbrouck
Wim Opbrouck, © Damon De Backer

Op het podium staan en maar niet op je tekst kunnen komen: het is een gevoel van paniek en onmacht, maar het overkomt de allerbesten. Ook Wim Opbrouck, die zijn black-out tijdens een opvoering van ‘La Superba’ als inspiratie gebruikte voor zijn novelle ‘Hij wist het niet meer’. “Ik wilde die stilstand van dat angstaanjagende moment aangrijpen om mijn grote liefde voor het theater uit te diepen.”

Waarom vond je het belangrijk om ‘Hij wist het niet meer’ te schrijven?

Wim Opbrouck: “De opdracht kwam van de organisatie ‘Te Gek!?’ die taboes rond mentaal welzijn wil slopen en moeilijke thema’s als depressie en zelfmoord bespreekbaar wil maken. Ze zijn er voor mensen die gestrand zijn, niet meer verder kunnen, vastzitten. Daarom ging ik op zoek naar hoe ik dat kon vertalen in theatertermen, en zo kwam ik uit bij je tekst vergeten, de grootste nachtmerrie voor een acteur.”

“Ik dacht: wat als je in dat bange moment blijft zitten? Dat gaf me de vrijheid om over diepe zaken te schrijven, van een acteur die zijn carrière en leven voorbij ziet flitsen. Voor ‘Te Gek!?’ moest ik dan wel mijn eigen kwetsbaarheden en onvolkomenheden onder ogen zien, want het hoofdpersonage Willem De Wachter komt grotendeels overeen met mezelf.”

Een black-out tijdens een opvoering van ‘La Superba’ diende als basis voor de novelle. Het was vast niet je eerste black-out en ook niet je laatste. Wat maakte deze keer zo anders?

“Deze keer had ik echt een gevoel dat ik nog nooit had ervaren. “Weet je wat? Ik stop er gewoon mee. Ik trek hier mijn broek af voor al die duizenden mensen, laat een dikke scheet en wandel het podium af om niet meer terug te keren. Laat ze het maar in de kranten schrijven morgenochtend: Wim Opbrouck is zot geworden.” Gelukkig is het uiteindelijk niet zo ver gekomen.” (lacht)

“Maar ik denk dat die aantrekkingskracht van de ontsnappingsroute voor veel mensen herkenbaar is. In de filosofie beschrijven ze dat als het mysterium tremendum et fascinans: de impuls om iets onherroepelijks te doen. Als je bijvoorbeeld aan het koken bent met een scherp mes en er even, heel kort, door je hoofd flitst: wat als ik dat nu in mijn buik steek? Je doet dat nooit, maar je schrikt dan toch wel even van je eigen brein.”

Fouten zijn cruciaal: ze houden de magie van theater in stand.
Wim Opbrouck
© Damon De Backer

FAALANGST

Het motto van je novelle is een citaat van Samuel Beckett: “Ever tried. Ever failed. No matter. Try again. Fail again. Fail better.” Is dat je boodschap? Fouten maken mag?

“Ja, fouten maken mag! Dat zeggen we misschien wel vaker tegen elkaar, maar als het erop aankomt, maakt niemand graag fouten. Nochtans zijn fouten cruciaal voor de magie van theater: het is iets van het moment, van het hier en nu. Fouten en onverwachte momenten helpen je de sleur te doorbreken, zeker bij voorstellingen die je vaker speelt.”

“Het leuke is dat het publiek het vaak helemaal niet doorheeft wanneer er iets misloopt. Ik heb ooit eens mijn arm gebroken in het eerste deel van een stuk. Tijdens de pauze brachten ze me naar spoed, in het tweede deel stond ik er terug met gips en windel. Iedereen dacht dat het erbij hoorde! Ik ben ook eens van mijn stoel gevallen op een podium en ik had mijn ribben gebroken. Piepend sleep ik mezelf van het podium, maar de zaal bleef lachen (lacht) Dat is toch een beetje de kracht van dit medium. Er kan zoveel tussen de gordijnen.”

Wim Opbrouck
© Damon De Backer

Heb je het gevoel dat fouten maken vandaag meer getolereerd wordt dan vroeger?

“Zeker. Toen ik studeerde aan Studio Herman Teirlinck moesten we nog de perfectie benaderen. Acteurs moesten feilloos, onaantastbaar, bijna goddelijk zijn. En pas op, ik kan daar nog altijd van genieten: ik zag onlangs een filmpje van Sir Ian McKellen die de laatste lijnen van ‘MacBeth’ citeert met een ongelooflijk taalinzicht. Fantastisch! Virtuositeit blijft belangrijk. Maar gelukkig is acteren niet alleen maar dat, niet alleen maar perfectie, anders zou het saai worden. Je hoeft geen Alexandrijnen meer te citeren of in vijfvoetige jambes te spreken om iets waarachtigs neer te zetten. Dat dringt nu ook door in theateropleidingen. Er is meer ruimte voor kwetsbaarheid.”

“Al betaalt het publiek natuurlijk geen tickets om iemand de mist te zien ingaan. Als ik naar een Bach-concert ga van een beroemde cellist, dan wil ik de muziek ook echt mooi uitgevoerd zien. Maar het kan altijd fout lopen, en dan is de manier waarop je daarmee omgaat heel belangrijk. Een voorbeeld dat ik in mijn novelle geef is dat van Patti Smith bij de uitreiking van de Nobelprijs in Zweden in 2016. Omdat Bob Dylan zijn prijs zelf niet in ontvangst kon nemen, zong zij ‘A hard rain’s gonna fall’ in zijn plaats. Maar plots viel ze stil. Ze wist het even niet meer en vroeg heel nederig: “Can I try again? Sorry, I am so nervous.” Het publiek gaf haar een oorverdovend applaus en ze maakte het nummer af. Ik vind het troostend en sterk dat zo’n grote dame zich kwetsbaar durft op te stellen.”

“Zo zie je maar dat het toch allemaal even wankel blijft, zelfs na decennia ervaring. Ik zie dat ook bij mijn eigen grote toneelvoorbeelden: Jan Decleir blijft evengoed tasten in het duister en vanaf nul beginnen. Geroutineerde acteurs die keer op keer met schroom de eerste stapjes durven zetten… Zo blijft het boeiend. Ik hoop dat mijn novelle in dat opzicht ook een beetje bemoedigend werkt: ook de groten blijven zoeken.”


Wim Opbrouck
© Damon De Backer

CAMARADERIE

Het is uiteindelijk een mede-acteur die het hoofdpersonage uit zijn black-out helpt.

“Precies! Ik wilde niet dat Willem zijn tekst zelf zou terugvinden door een of andere goddelijke inval, maar door iemand naast zich. Soms vragen ze mij: hoe doe je dat, zo goed die koning vertolken? Maar ik speel die koning maar voor de helft! Voor de andere helft word ik gemaakt, en op mijn beurt maak ik mijn andere collega’s tot koningin of tot moordenaar. Als niemand naar me kijkt en doet alsof ik een koning ben, dan mag ik nog de beste acteur zijn in de wereld: dat gaat niet werken. Het is fantastisch dat je er niet alleen voor staat.”

“Je moet voldoende aandacht schenken aan je medespelers. Babbelen om te horen hoe zij zich voelen, een schouderklopje voor je begint. Als ik in iemands ogen kijk op een podium, dan zie ik niet alleen het personage, maar ook de mens achter dat personage, dan ken ik zijn spelmatige gevoeligheden. Er is een grens aan ‘in de huid kruipen van’.”

“Ik kan er ook zo hard van genieten dat iemand die ik ook als een echt mens ken zich volle bak kwaad maakt op het podium, dat ik soms in de lach schiet. Dat thuiskomen in de ogen van je medespeler houdt elke voorstelling interessant, zelfs iets wat je voor de honderdste keer speelt. Dat is de chemie van theater: niet alleen je tekst goed neerzetten, maar elkaar ook vinden in dat spelplezier.”

Meer nieuws

Peter Van den Begin in De Twaalf C Thomas Nolf VRT

Peter Van den Begin: “Ik heb meer in mijn mars dan de komiek of de slechterik”

OPENDOEK magazine 19.03.2024
Lees meer
Hannah Arendt c Niggl Radloff

'Het Pleidooi' - De magie van het begin: kijk naar theater zoals Hannah Arendt

OPENDOEK magazine 19.03.2024
Lees meer
Simon D Huyvetter en Alice Juliens c Jonas Janzegers

'De Muze' - Twee regisseurs over hun kijk op een creatieproces

OPENDOEK magazine 19.03.2024
Lees meer

Ontvang alle info en updates over de theaterwereld via onze nieuwsbrief!