- Wat is jouw specialisatie als kostuumontwerper?

 

“Ik heb een grote liefde voor artisanale ambachten en historische kostuums. Voor dat laatste volgde ik zelfs een speciale opleiding. Bij mijn laatste projecten mocht het allemaal wat bombastischer zijn met veel pailletten en arbeidsintensieve kostuums. Heerlijk! Zelf vind ik een gevoel voor finesse en technische vaardigheden onontbeerlijk in dit vak.”

 

- Met welke collega zou jij vaker willen samenwerken?

 

“Vooral bij dans- en musicalproducties mis ik een hechtere samenwerking met lichtontwerpers. Zo maakte ik eens kostuums met pasteltinten. Plots projecteerden ze felle bloemen in geel- en roodtinten op de scène: ik schrok mij te pletter want het was geen gezicht! Ondertussen werkte ik al samen met een lichtontwerper die mij veel bijleerde. Dankzij hem durf ik de tribune op te stijgen om in gesprek te gaan met het belichtingsteam. In een productie waar iedereen zijn zin doet zijn de resultaten nu eenmaal niet indrukwekkend.”

 

- Wat maakt van jou een goede kostuumontwerper?

 

“Vroeger dacht ik dat concrete vaardigheden zoals textielkennis het allerbelangrijkste waren. Maar dat is toch niet alles. Ik geloof dat een sterk communicatievermogen essentieel is, en dat streef ik altijd na. Mijn gedrevenheid en zin om mij steeds verder te ontwikkelen hebben mij al ver gebracht. Inspelen op veranderende situaties doe ik ook geregeld. Dat is in de cultuursector trouwens erg noodzakelijk. Eigenlijk is de optelsom van jouw persoonlijkheid en ervaring het meest doorslaggevend.”

 

- Hoe wordt een droom bij jou werkelijkheid?

 

“In het ideale geval creëer je kostuums samen met de speler of danser. Hoe meer ik aanwezig ben bij het creatieve proces, hoe dichter ik op het vel zit van de personages én de droomwereld van het artistieke team. Werken voor dansproducties is zalig, dan ontwerp ik tussen de repetities door. Ik volg goed de bewegingen van de dansers, zodat mijn werk het verhaal visueel kan versterken. Bij De Nederlandse Reisopera moest ik het aan het begin van het ontwerpproces eens stellen met een paar foto’s van de zangers. Dat is een no go. Zonder fysieke connectie lukt het niet.”