
PARTNERS

PARTNERS

De kans dat de naam Ramin Bahrani een belletje doet rinkelen bij de gemiddelde bioscoopbezoeker is quasi onbestaande. Toch staat deze Iranese immigrantenzoon te boek als een der beloftevolste Amerikaanse filmmakers. Roger Ebert – misschien wel de bekendste filmcriticus ter wereld – noemde hem zelfs ‘the great new American director’. Vergelijkingen met het vroege werk van Martin Scorsese zijn dan ook niet van de lucht.
Bahrani gaat – net zoals de ‘The Departed’- en ‘Shutter Island’-filmer in z’n jonge jonge jaren – zijn verhalen zoeken in de zelfkant van de Amerikaanse samenleving. Van een voormalige muziekster die nu als straatventer de eindjes aan elkaar probeert te knopen over een weesjongen die ontdekt dat zijn zus wel heel ver gaat om geld in het laatje te brengen tot een taxichauffeur die een suïcidale klant probeert te redden: blockbustermateriaal vormen dit soort personages en hun verhalen niet.
Op de internationale filmfestivals doen Bahrani’s lowbudgetproducties het echter uitstekend. Eerste volwaardige prent ‘Man Push Cart’ (2005) werd vertoond in Venetië, Londen en Sundance, opvolger ‘Chop Shop’ (2007) haalde de selecties van Cannes, Toronto en Berlijn en met recentste langspeler ‘Goodbye, Solo’ (2008) deed hij opnieuw Venetië en Toronto aan. Dat het aantal prijzen dat de nog steeds maar 35-jarige cineast reeds verzamelde meer dan indrukwekkend is, hoeft dan ook geenszins te verbazen.
Ondanks al die internationale bijval houdt Bahrani het hoofd steevast koel: ‘Ik maak me geen illusies. Met het soort films dat ik maak, zal ik nooit een ‘big player’ worden. Ik zal altijd moeten knokken om het budget van mijn volgende productie bijeen te krijgen. Ik hou de Amerikaanse bevolking een ontzettend onaangename spiegel voor. Verhalen over de kleine man vertellen is één ding, ik ga voor het wel en wee van de onzichtbare man. Daarom zal ik het nooit makkelijk hebben.’
Driemaal Bahrani

Een weesjongen van Latijns-Amerikaanse origine voert de gekste klusjes uit om te overleven in Queens, New York. Perikelen met een minibusje en het grote geheim van zijn zus bezorgen de puber de nodige kopzorgen.
>> fragment

Een Senegalese immigrant verdient zijn kost als taxichauffeur in North-Carolina. Wanneer hij vermoedt dat zijn recentste klant zelfmoordplannen heeft, stelt hij alles in het werk om deze op andere ideeën te brengen.
>> fragment

Een voormalige muziekster uit Pakistan komt aan de bak als straatventer in New York City. Een ontmoeting met een rijke zakenman uit zijn geboorteland brengt hoop op een beter leven. Het lot is hem echter allesbehalve gunstig gezind.
>> fragment

De casts van Bahrani’s producties bestaan grotendeels uit amateurs. Dat drukt de kosten én zorgt voor een natuurlijkheid die getrainde acteurs vaak ontberen. Voor één rol maakte de gevierde filmmaker echter een uitzondering, namelijk die van de suïcidale taxipassagier uit ‘Goodbye, Solo’. Dat personage wordt gespeeld door Red West, misschien niet de bekendste acteur ter wereld, maar wel een van de kleurrijkste.
De voormalige atleet en lid van de U.S. Marines behoorde tot Elvis
Presleys naaste vriendenkring en schreef nummers voor ‘The King’ en
andere sixtiesidolen als Pat Boone, Ricky Nelson en Johnny Rivers.
In de jaren zeventig kwam West aan de bak als lid van Presleys veiligheidsteam. Na enkele gewelddadige incidenten met agressieve fans én een steeds uitgesprokenere houding omtrent het drugsgebruik van zijn werkgever, belandde hij echter op straat. Over het onthullende boek ‘Elvis: What Happened’ dat hij samen met enkele ex-collega’s schreef wordt gezegd dat het ‘The King’ des te depressiever maakte tijdens z’n laatste dagen.
Na Presleys dood mikte West op een carrière in de tv- en bioscoopwereld. Soms kwam hij aan de bak als regulier acteur, soms als stuntman. Bekendste titels waarin je de man aan het werk kan zien, zijn nostalgiehit ‘The A-Team’, wraakklassieker ‘Walking Tall’, knokorgie ‘Road House’ en John Grisham-bewerking ‘The Rainmaker’.
Steven Tuffin, juli 2010